Meten in de praktijk


Waarom meten?
Als vaktherapeuten weten we hoe goed ons vak werkt. Binnen de GGZ, PAAZ en revalidatiecentra geeft vaktherapie een gewaardeerde bijdrage aan de behandeling. Ook vrijgevestigde therapeuten hebben veel tevreden cliënten. Het is wenselijk om dit meetbaar te maken. Binnen vaktherapie starten we daarom met consequent meten van de resultaten van de therapie voor je cliënten. Hiermee kun je je behandeling bijsturen.
Door dit allemaal op dezelfde manier te doen verzamelen we data die later door onderzoekers kunnen worden gebruikt. Zo kunnen zij later vragen over de behandeling en de werking van vaktherapie beantwoorden. Hiervoor stemmen we af met onderzoekers en promovendi op de opleidingen.

Als vaktherapeut is dit belangrijk omdat:
  • je wilt weten of de cliënt door de behandeling vooruit gaat in psychisch welbevinden;
  • om de behandeling nog beter toe te spitsen op de cliënt;
  • je wilt weten of een bepaalde behandelmodule, behandelpad of interventie werkt;
  • om op termijn nadere onderbouwing van vaktherapie te geven voor bijvoorbeeld zorgverzekeraars en gemeenten.
Als vrijgevestigde vaktherapeut geeft een vragenlijst je een goede meetlat om de vooruitgang van je cliënt te volgen. We doen dit door voor en na de behandeling te meten. Het kan zijn dat je cliënt zelf niet doorheeft dat er flinke vooruitgang is terwijl dat wel uit de meting blijkt. Andersom kan het zijn dat je als therapeut en cliënt vindt dat de behandeling zinvol is maar dat de klachten nog niet veel verminderen. In zo'n geval kun je met de cliënt beslissen of je je behandeling bijstelt.

Doelstelling
Onze doelstelling is om meten van de aangeboden behandeling makkelijk te maken voor vaktherapeuten. Geleidelijk kunnen we zo gegevens verzamelen voor latere wetenschappelijke analyse door onderzoekers.
We beginnen met vrijgevestigde vaktherapeuten die werken met volwassenen. Later volgen kind en jeugd.

Geaccepteerde vragenlijsten
Het is bij deze dataverzameling van belang om de meting allemaal op dezelfde manier te doen: hiermee worden de resultaten vergelijkbaar. Hiermee kunnen therapeuten inzicht krijgen in hun individuele cliënt en onderzoekers te zijner tijd in de werking van vaktherapie op een bepaalde groep cliënten. Iedere kleine en grote praktijk kan zo bijdragen. We werken daarom met een gevalideerde (bewezen en erkende) vragenlijst, de SQ-48.

Wie voert het project uit?
De organisatie van het project ligt bij Psychomotorische Therapie Op den Buys. De gegevensverzameling wordt methodisch ondersteund door een klankbordgroep. Wanneer er voldoende gegevens beschikbaar zijn binnen de database, biedt dit mogelijkheden voor (docent-)onderzoekers en eventueel hun studenten om onderzoeksvragen op te stellen en deze middels deze database te beantwoorden. Het project valt onder de commissie Vrijgevestige Vaktherapeuten (VVT) van de FVB. Ook het Kennisnetwerk Affectregulerende Vaktherapie is betrokken.